| Een discussie
die in het zwemonderwijs regelmatig gevoerd wordt
handelt over de keuze van de beginslag
bij het aanleren van de zwemslagen.
Enerzijds moet de keuze gemaakt worden of de zwemslagen
op de buik of op de rug aangeleerd worden en anderzijds
moet er een keuze gemaakt worden tussen schoolslag
en crawl. Elke keuze heeft zijn voor- en nadelen
en het is dus aan de leerkracht om de voor- en
de nadelen af te wegen in functie van de klasgroep
en de organisatorische mogelijkheden. Bij kinderen
die watervrij zijn (geen watervrees meer hebben)
zijn de keuzemogelijkheden veel ruimer dan bij
kinderen die wel nog watervrees hebben. Zij kunnen
zowel op de buik als op de buik starten met zwemmen.
| |
Buik |
Rug |
| Voordelen |
• goede oriëntatie
• gemakkelijk contact met lesgever
• ook mogelijk bij watervrees
|
• stabiele
ligging
• ademhaling is eenvoudig
|
| Nadelen |
• labiele
ligging
• aquatische ademhaling is noodzakelijk
• ademhaling beïnvloedt de ligging
|
• matige
visuele oriëntatie
• onveilig gevoel
• moeilijk contact met lesgever
|
Nadat de keuze is gemaakt of er op de buik of
op de rug gezwommen wordt, moet de keuze gemaakt
worden of er gestart wordt met crawl of schoolslag.
Crawl - Schoolslag
Schoolslag is een complexe slag, omdat de coördinatie
niet natuurlijk is. De positie van de voeten tijdens
de stuwfase is moeilijk en is moeilijk begrijpbaar
voor jonge kinderen. De coördinatie tussen
de armen en de benen is niet eenvoudig en vaak
moeilijk aan te leren en vaak ondervinden de kinderen
veel frontale weerstand in het water omwille van
een foute ligging in het water. Het is zeer belangrijk
om de nadruk te leggen op de uitdrijffase (pijlfase)
om de vormspanning opnieuw te herstellen.
Bij het aanleren van de schoolslagbeweging zijn
de hulpmiddelen beperkt. Er kan geen gebruik gemaakt
worden van zwemvliezen, enkel van plankjes of
kleine drijvende blokjes die de kinderen in hun
handen kunnen houden.
Het aanleren van crawl (zowel op de buik als
op de rug) sluit beter aan bij het natuurlijke
bewegingspatroon van kinderen. De coördinatie
tussen de armen en de benen gebeurt vrijwel vanzelf.
Als de kinderen een goede horizontale ligging
hebben in het water zullen ze ook snel vorderen
in het water. Anderzijds stelt crawl wel hoge
conditionele eisen. In tegenstelling tot schoolslag
is er geen rustmoment in de coördinatie aanwezig.
Een andere moeilijkheid is de ademhaling. De aquatische
ademhaling moet goed beheerst worden alvorens
de volledige coördinatie geoefend kan worden.
De kinderen moeten immers met het hoofd onder
water zwemmen en moeten eerst het zijwaarts ademen
aanleren, daar waar de ademhaling bij schoolslag
ook nog in een later stadium aangeleerd kan worden.
Een voordeel bij crawl is dan wel weer dat er
meerdere hulpmiddelen beschikbaar zijn voor het
aanleren. Door het gebruik van zwemvliezen kunnen
de kinderen meer snelheid verwerven en zullen
ze een correcte voetpositie verkrijgen. Het gebruik
van plankjes is zeker ook aan te raden bij beginnende
zwemmers. Daarnaast kan er ook gebruik gemaakt
worden van een vlotter tussen de bovenbenen om
de nadruk te leggen op het inoefenen van de armbeweging.
Maar deze vlotters worden in de meeste zwembaden
niet ter beschikking van het schoolzwemmen gesteld.
|