| Om
in een club een zwemschool uit te bouwen heb je
vaste en duidelijke structuren nodig, gebaseerd
op een "zwemfilosofie". (cfr aantal
lessenreeksen per jaar, evaluatiemomenten, aantal
groepjes, niveauverschillen afbakenen, duidelijke
oefenstof per niveau, ...) Deze structuren moet
je dan aanpassen aan omgevingsfactoren (cfr beschikbaarheid
van het zwembad, de lesgevers, materiaal, ...).
Knopen die je moet doorhakken
- Zwemfilosofie:
wat bied je hoe aan met welk materiaal.
- Aantal lessenreeksen per jaar: Naar ouders en
kinderen toe is het best met een vast aantal lessen
te werken (10 tot 15) om dan een vast evaluatiemoment
in te lassen.
- Evaluatiemomenten:
3 tot 5 keer per jaar met zeer duidelijke criteria
en afspraken.
- Aantal groepjes:
Dit hangt vooral af van de infrastructuur van
het zwembad (instructiebad of niet) en de beschikbare
lesgevers. In een 'normale' zwemschool in 'normale'
omstandigheden heb je 6 tot 8 groepjes.
- Afbakening van niveaus: Er moet duidelijk afgesproken
worden welke oefenstof waar gegeven wordt. Hier
hangt dus ook de evaluatie aan vast en de te
kennen skills. (pdf)
|